De druiven van deze cuvée komen uit het traditionele wijnbouwgebied Allen, in de vallei van de Alto in de provincie Rio Negro, in Patagonië, ongeveer halverwege tussen het Andesgebergte en de Atlantische Oceaan. De ongeënte (prefylloxera) wijnstokken met lage opbrengst werden eind jaren 1960 aangeplant en worden op natuurlijke wijze geteeld volgens de principes van de biologische landbouw, wat wijnen oplevert die het terroir en de rastypische kenmerken uitdrukken. Alle druiven worden met de hand geoogst zodra ze optimaal rijp zijn en daarna zorgvuldig geselecteerd vóór de vinificatie. 50% van de druiven werd voor de vergisting zachtjes geperst, terwijl de overige 50% op de schillen vergistte, wat zorgt voor een complexe smaakontwikkeling. De vergisting gebeurde met wilde gisten in een kleiamfoor, waarin de wijn vervolgens 8 maanden verder rijpte, voordat hij zonder klaring of filtratie werd gebotteld. Een wijn met complexe aroma's van citrusvruchten, etherische bloemenolie, witte perzik, rijpe appel, oranjebloesem, aromatische kruiden en subtiele krijtachtige nuances. Perfect in balans in de mond, met een mooi volume en een elegante, zilte afdronk.